ladyLein startpagina
00. Start-filosofie
01. Inleiding
02. Einde van de mythen, Natuurfilosofen, Einde van het Lot
03. Sofisten, Socrates, Plato, Aristoteles
04. Hellenisme
05. De indo-europeanen, semieten en de vermenging
06. De middeleeuwen, Augustinus, Thomas van Aquino
07. Renaissance, Reformatie
08. Barok en rationalisme, Descartes, Spinoza
09. Empirisme, Locke, Hume, Berkeley
10. de Verlichting, Kant
11. Romantiek, Hegel, Kierkegaard
12. Naturalisme, Marx, Darwin, Freud
13. Schopenhauer, Nietzsche, Heidegger
14. Existentialisme, Sartre, Beauvoir
15. Twintigste eeuw
      

Schopenhauer, Nietzsche, Heidegger

                          Schopenhauer ; NietzscheHeidegger

Schopenhauer

Arthur Schopenhauer (1788 - 1860) was een Duits filosoof. Hij had een uitgesproken pessimistische wereldbeschouwing. Hij bewonderde Goethe zijn hele leven en had een hekel aan Hegel. Hij vond zijn inspiratie in Plato en Kant. Hij zei: " Het leven is een hachelijke onderneming; ik heb besloten het door te brengen met erover na te denken."

Schopenhauers hoofdwerk " De wereld als wil en voorstelling ", kan worden beschouwd als een samenvatting van zijn filosofie.
In de natuur en in de mens is de wil de drijvende kracht. Bij lagere levensvormen is het de blinde wil tot zelfbehoud. Bij de mens probeert de wil tot bewustzijn te komen. De wil drukt zich uit in verlangens en begeerte en zit in onze waarnemen, we nemen waar wat we willen waarnemen. En de wil zit in ons instinc tot zelfbehoud.

De wil is de wil tot leven maar ook de oorzaak van lijden. De wil maakt de mens berekenend, zelfzuchtig en hebberig. Maar de begeerte van mensen wordt nooit definitief bevredigd. De wil is de wil tot leven maar wordt altijd verslagen door de dood. Daarom is deze wereld de slechtste wereld die er bestaat: de wil wordt altijd verslagen door de dood.

Schopenhauwer zei: " de mens kan doen wat hij wil maar hij kan niet willen wat hij wil. "

Schopenhauer was het met Kant eens dat de mens niet byuiten zijn eigen kader kan denken. De invloed van Kant op Schopenhauwer was ook " de dingen an sich ". Je neemt de dingen waar en dan zit je ervaring tussen het ding en je waarneming. De wil wil de dingen in zichzelf ontdekken, los van onze ervaringen. Dat inspireerde latere filosofen.

Ook vind Schopenhauer het niet juist alleen dingen te doen voor je plezier, zeker niet als dat andere schade berokkent. 
Het lijden omdat de begeerten niet bevredigd worden kan worden opgelost door grenzeloze onzelfzuchtigheid.
Hij was beïnvloed door de oosterse religies. 
Schopenhauer beoefende de ascese zelf niet in de praktijk. Integendeel: hij was een echte levensgenieter en genoot van eten en drinken. Desalniettemin was zijn pessimisme zeer zeker een levenshouding.

Schopenhauer vat de wereld zoals deze aan ons verschijnt op als een voorstelling onderworpen aan de wetten van ruimte, tijd en causaliteit. De wereld " an sich " is wil. Deze wil is oom datgene wat Kant het " Ding an sich " noemde. Aan deze blinde wil is ook het leven van de individuele mens onderworpen, wiens leven daardoor tot een smartelijke reeks ontgoochelingen wordt. Het beste wat men kan doen is af te zien van de wil, zoals dat oom in het boeddhisme gedaan wordt.

Nietzsche

Friedrich Nietzsche (1844 1900) was een duitse filosoof.
Vroeger bij de grieken was een daad goed als hij edel, krachtig, mooi of hoogstaand was.Een slechte daad was tegengesteld daaraan, laagstaand zonder grootsheid. Deze waarden waren volgens Nietzsche levensbevestigend en een waardevolle norm.  Maar dit veranderde door de joden en later de christenen. Die schreven de waarden toe aan de God buiten henzelf. Het goede werd nederigheid en medelijden en het slechte werd zondig kwaad en goddeloos. Nietzsche vond dit de basis van de slaven-moraal. Deze waarden waren geboren uit wrok tegen de machthebbers en de adel. Het was eigenlijk wrok tegen de hele mensheid en al haar vermogens.

Nietzsche riep op tot transformatie van de waarden.De waarden moesten gebaseerd worden op de aristocratische moraal. De eerste stap daarheen was de dood van God want met zijn dood bevrijden we ons van de slaven-moraal. Als de transformatie lukt dan wordt je een übermensch, een oppermens die de tegenstelling God en mens transformeert en de mensen brengt voorbij goed en kwaad door middel wan de wil tot macht.

Volgens Nietzsche is elke menselijke relatie een machtstrijd. De morele codes van slaven en heersers was om macht over de anderen te hebben. In de mythen laat de held zijn dominante moraal gelden door zijn tegenstander aan te pakken. In de joods christelijke slaven moraal gaat het over wraak, medelijden en eeuwig lijden.

Nietzsche vond dat de mens zich niet met het onderwerpen van anderen moest bezig houden maar met het overwinnen van onze eigen dierlijke instincten en zo onszelf herscheppen. Het is een proces van zelfverwezelijking om zelf de kracht te ontwikkelen en vorm te geven aan onze hartstochten en impulsen en aan ons karakter. Het ging Nietzsche om de verwezenlijking van het individuele bestaan. Hierdoor werd hij een inspiratiebron voor de existentialisten in de twintigste eeuw. Maar doordat zijn zuster tegen joden was en zijn werk aanpaste werd Nietzsche een held voor de nazi's.

Nietzsche belangrijkste werk was " Also sprach Zarathustra " waarin hij in literaire vorm zijn leer van de übermensch als antwoord op de crisis en het hele culturele verval van zijn tijd naar voren bracht.
" Der Wille zur Macht " bevat scherpe analyses van de wrok en de hypocratie die hij in tijdgenoten meende te ontdekken en zijn leer van de " eeuwige wederkeer ".

Heidegger

Martin Heidegger (1889 1976) was een Duitse filosoof.
Het is ondoenlijk Heideggers buitengewoon omvangrijke oeuvre in een kort bestek samen te vatten: daarvoor is het te uitgebreid en vertoont het teveel ontwikkelingen en verschuivingen in aandacht en onderwerpen. Centraal in zijn werk staat de vraag naar de zin van het zijn. Dit is de zoektocht naar, zoals Heidegger dit noemt, 'het Zijn van het Zijnde'. Vanuit dit 'zijn' wordt van alles dat 'is', bepaald dat het is en hoe het is. Volgens Heidegger heeft de westerse ontologische (leer van het Zijn) filosofie zich vanaf Aristoteles uitsluitend met het zijnde beziggehouden en de meest wezenlijke dimensie ervan, namelijk de zijnsvraag erachter/eronder vermeden.

Heideggers hoofdwerk heette " Sein und Zeit ". Hierin stelt hij de vraag naar de zin van het zijn. Volgens Heidegger heeft de mens het " zijn " uit het oog verloren en houdt zich alleen nog maar oppervlakkig met de dingen (zijnden) bezig. Hij is vervallen tot een toestand van geredekavel, alledaagse onpersoonlijkheid en dubbelzinnigheid. De mens dient zich van deze toestand van " Seinsvergessenheit " af te wenden en te leven vanuit zijn tijdelijke en op de dood gerichte geworpenheid in het zijn.